woensdag 16 mei 2012

Een hoofdstuk van: De Levensboom

Sorry dat ik al drie dagen niks meer geschreven heb, maar ik was behoorlijk ziek! ):
Gelukkig gaat het nu weer beter met me en het eerste dat ik doe is een nieuw bericht schrijven!

Ik ben al een hele tijd bezig met het publiceren van mijn eigen boek. Ik doe dit via een bepaalde site, waarbij ik het in feite in eigen beheer uitgeef, met hulp van anderen. Het is het eerste deel van een trilogie, die Een Mythische wereld heet. Dit deel heet: De Levensboom.
Ik ben al ver op weg en vond het leuk om jullie een klein "voorproefje" van mijn boek te geven. Het is maar een klein stukje en je zult zeker geen idee krijgen van waar het boek over gaat, dus hier even in het kort waar het over gaat:

Jo is een buitenbeentje op school, die samen met haar beste vriend Mo niet erg opvalt. Maar dan gebeurt er iets vreemds. Een aantal uitwisselingsstudenten komen naar haar school, vreemde kinderen. Ze blijken nog vreemder te zijn dan Jo dacht.
De jongen, Chaim genaamd, vertelt haar dat haar broer zal sterven als ze niks doen.
Met Chaim en haar beste vriend reist ze naar Vellisium, een onzichtbaar land tussen Duitsland en Frankrijk waar mythische wezens en monsters leven.
Op dat moment begint er een race tegen de klok om haar broer Daniel te redden.


Dat is de achterkant van mijn boek. Ik ga jullie het eerste hoofdstuk laten lezen, wat meer een inleiding dan een hoofdstuk is. Ik hoop dat jullie het leuk vinden!


1



Even voorstellen





Goed ik zal me even voorstellen, ik ben Jo Green. Je weet wel, Jo van de uitroep Jo, Jo van jojo, Jo van... je begrijpt me wel.
Ik ben veertien jaar en heb stijl, kastanjebruin haar en- zoals mijn vriend altijd zegt maar ik het volkomen niet mee eens ben- grasgroene ogen.
Ik woon met mijn broer Daniel en mijn vader Sam in een klein rijtjeshuisje in een klein dorp waar dus écht niets gebeurt.
Ik zal eerst wat over mijn vader vertellen: mijn vader heet dus Sam en is een man met heel veel humor. Soms niet altijd even leuke humor... maar toch, het is humor. Hij is schilder van beroep, iets wat nou niet echt heel veel verdiend, maar hij vindt het de mooiste baan ter wereld, dus laat ik het daar maar bij.
Mijn moeder is gestorven en mijn vader voedt mij en mijn broer helemaal alleen op, iets waar ik heb nogal dankbaar voor ben.
Nu mijn broer: mijn broer Daniel lijkt totaal niet op mij, hij heeft- net als ik- bruin haar, maar dat van hem zit altijd warrig op zijn hoofd en zeeblauwe ogen. Echt van die mooie, donkerblauwe ogen.
Verder lijkt hij ook in gedrag niet op mij, maar daar kom ik later nog op terug.
Ik mijn beste en enige vriend die ik heb is Mo, eigenlijk heet hij Moon, iets waar ik me dagelijks over verbaas. Want kom op, wie noemt zijn zoon nou naar de maan?
Hij heeft zwart haar met blauwe highlights, echt waar, blauwe strepen die verticaal door zijn haar lopen. Hij is nogal opvallend met zijn 1 meter 80, maar is de beste vriend die ik me maar kan voorstellen, al helemaal omdat ik het totaal niet op mensen heb. Ik ben zoals mijn broer het graag wil zeggen: mensafstotelijk. Ik zoek geen vrienden en vrienden komen ook niet naar mij toe. En trouwens, als ze wél naar mij toekomen, jaag ik ze vaak weg met een stortvloed aan scheldwoorden. Niet mijn schuld...
Maar Mo is dus de allerbeste, hij is trouw, houdt zich aan afspraken, luistert naar je ook al wil je niets zeggen...
Ik zit in de derde van het Westside High, een school voor of te rijke kinderen of kinderen die nergens anders terecht kunnen. Kinderen die van alle scholen geschopt zijn en uiteindelijk in deze hel geplaatst werden.
Het Westside High is een groot, roodstenen gebouw met een grote, ijzeren poort: een echte gevangenis. Als je binnenkomt zie je boven de hoofdingang: Westside High en daaronder: alleen voor gestoorden. Dat is er maanden geleden al opgekliederd. Ze hebben het geprobeerd weg te krijgen, maar gele neon verf krijg je niet zo makkelijk weg...
De leraren die les geven hebben het kortste lontje dat je in het hele dorp kan vinden. Ze zijn elke ochtend en middag strontchagerijnig.
Ook heerst er op onze school een sociale rangorde. Ik zal ze even noemen:


1. De te rijke mensen, tutjes, verwende krengen, dat soort kinderen.

2. De spijbelaars en hunks.

3.De volgers: de mensen die rang 1 en 2 wíllen zijn, maar het net niet zijn. Best een triest groepje...

4.De nerd clubs: de nerds die in een schaakclub, wiskundeclub, scheikundeclub, leesclub, enzovoort zitten.

5.De loners en weirdo’s: de mensen die er niet uitzien als de rest, zich niet gedragen als de rest, geen vrienden hebben of- zoals ik- mensafstotelijk zijn.


Het is je waarschijnlijk al duidelijk bij welke rang ik zit... rang 5 dus. Net als Mo.
Niet dat het me ook maar iets kan schelen, ook al viel ik totaal buiten dit hele stelsel, dan nog zou het me geen sikkepit schelen.
Ik geef wel om school hoor, krijg niet de verkeerde indruk over mij, ik kan aardig goed leren, doe mijn huiswerk, haal voldoendes.
Het probleem is mijn broer, hij hoort bij rang 2 en dan dus niet bij de hunks... maar bij de spijbelaars.
Ik zei al dat dit een school is voor kinderen die van bijna alle scholen afgetrapt zijn, nou Daniel ís van bijna alle scholen afgetrapt. Keer op keer weer, en mijn vader vond het beter dat ik dan maar mee ging, ik heb nog nooit langer dan twee jaar op dezelfde school gezeten.
Maar toch heb ik niks tegen mijn broer hoor, hij is af en toe vervelend, nogal agressief, grof in de mond, gooit dingen kapot- meestal van mij- irriteert mijn vader die zo goed voor ons zorgt, neemt het nooit voor me op, doet alsof hij me niet kent in de buurt van zijn vrienden, heeft een hekel aan Mo, maar toch is hij is best oké.


Het verhaal dat ik jullie ga vertellen, zullen jullie hoogstwaarschijnlijk niet geloven, ik geef je gelijk. Ik had nooit, maar dan ook nooit, kunnen denken dat ik zoiets zou meemaken. Lees dit boek alsof je er niets van gelooft, doe alsof het allemaal verzonnen is, dat is beter voor ons allemaal.



love,

me








Geen opmerkingen:

Een reactie posten